Het regent,
zoals de weerman voorspelde.
Hij is zo dom
als een varken.
ZOALS
‘Zoals’ gebruik je:
Bij
vergelijkingen:
| | |
| Doe maar zoals anders. |
| Ken jij een expert, zoals jouw broer? |
| Ze wil in de politiek gaan, zoals haar vader. |
Aan het
begin van een bijzin of in
combinatie met een participium:
| | |
| Zoals de weerman voorspelde, heeft de zon de hele dag geschenen. |
| Het is niet gebeurd zoals hij zegt. |
| We komen, zoals afgesproken, morgen samen. |
voorbeelden van zoals in context (via google)
ALS
‘Als’ gebruik je:
Bij een
vergelijking met de woorden ‘
even ...’, ‘zo ...’ en ‘net zo ...’:
| | |
| Ze is even koppig als haar vader. |
| Hij blijkt zo dom als een varken. |
Bij een
vergelijking op basis van de woorden
‘dezelfde’ en ‘hetzelfde':
| | |
| We hebben dezelfde grasmaaier als de buren. |
| Ze zegt hetzelfde als jij. |
Bij een
beroep
| | |
| Mijn tante werkt als verpleegster in een rusthuis. |
| Als president heeft hij veel fouten gemaakt. |
Om een
hoedanigheid (= iets wat je bent) aan te duiden:
| | |
| Hij gedraagt zich als een verliefde puber. |
| Ze was als kind behoorlijk agressief. |
Aan het begin van een
voorwaardelijke bijzin:
| | |
| We gaan naar zee als het morgen mooi weer is. |
| Je krijgt een snoepje als je stopt met huilen. |
Aan het begin van een
bijzin van tijd (‘als’ is dan synoniem voor ‘wanneer’):
| | |
| Hij valt voor de televisie in slaap als hij moe is. |
| Ik bel mijn zus als ik me verveel. |
voorbeelden van als in context (via google)
(ZO)ALS
Bij het geven van voorbeelden, kan je
beide woorden gebruiken:
| | |
| Hij specialiseert zich in stoornissen (zo)als anorexia en boulimia. |
| Ingrepen (zo)als liposuctie en borstvergroting, zijn bijzonder populair. |