ge + stam + t als stam eindigt op t,k,f,s,ch,p
werken -> werk ->gewerkt
stappen -> stap -> gestapt
maken -> maak -> gemaakt
juichen -> juich -> gejuicht voorbeelden in context
ge + stam + d als stam eindigt op andere medeklinker
bellen -> bel -> gebeld
horen -> hoor -> gehoord voorbeelden in context
geen –ge als werkwoorden beginnen met ont-, be-, ge-,..
ontdekken -> ontdekt,
vervolledigen -> vervolledigd voorbeelden in context
onregelmatig
onvoorspelbaar participium voor sterke werkwoorden
slapen -> geslapen
verliezen -> verloren
vallen -> gevallen
hebben -> gehad
zijn -> geweest
... voorbeelden in context