Elk jaar berekent
het Steunpunt Studie- en schoolloopbanen hoeveel jongeren stoppen met school nog voor ze een diploma behaald hebben. In 2007 ging het om 12,6% van de jongeren. Dat betekent dat meer dan één jongere op tien stopt met school zonder dat hij of zij een of ander diploma op zak heeft. Bovendien stijgt dat percentage
onafgebroken sinds 2001. Heel opvallend is dat de jongens het slechter doen dan de meisjes: bij de jongens slaagde 18,3% er niet in om een diploma te halen, bij de meisjes was dat "maar" 10,9%.
Wat zijn nu de oorzaken van dit slecht rapport voor het Vlaamse onderwijs?
Volgens veel mensen moet je die gaan zoeken in het onderwijssysteem zelf. Veel jongeren moeten al vroeg in hun school
loopbaan een jaar opnieuw doen en dat is een probleem. Al in de lagere school en zelfs in de kleuterklas krijgen sommige kinderen te horen dat ze niet naar het volgende leerjaar mogen gaan. Die "zittenblijvers" zullen de rest van hun carrière niet meer bij hun leeftijdsgenoten in de klas zitten. Dat demotiveert de jongeren, waardoor ze de boeken definitief dichtklappen nog voor ze een diploma hebben.
Ook de leeftijd waarop jongeren hun studierichting moeten kiezen,
deugt niet volgens velen. Al op hun veertiende moeten de jongeren kiezen tussen algemeen secundair onderwijs (ASO), beroepsonderwijs (BSO), technisch onderwijs (TSO) of kunsthumaniora. Bovendien is hun keuze definitief, ze kunnen niet meer terug. Zo zitten veel jongeren al snel vast in een richting die hen eigenlijk niet ligt.
Ten slotte speelt taal een grote rol. Steeds meer jongeren in het Vlaamse onderwijs spreken thuis een andere taal dan het Nederlands. Sommige allochtone jongeren lopen zo een taalachterstand op, waardoor het extra moeilijk wordt om een studierichting succesvol
af te
sluiten.
KVK
Lees ook:
Jong, jongen of jongere?