Tien jaar geleden kregen we gloednieuwe geldbriefjes en munten in onze handen: de langverwachte euro was geboren. De tiende verjaardag van de Europese eenheidsmunt is echter allesbehalve een uitbundig feest. Het is crisis en de euro staat onder druk. Sommige analisten denken zelfs dat het einde van de euro in zicht is. Dit is het levensverhaal van een tienjarige, maar doodzieke munt.
Euroforie
1 januari 2002. In twaalf landen van de Europese Unie
verving de euro de bestaande munteenheid. Alleen de landen die voldeden aan de Maastrichtnorm (het begrotingstekort moest kleiner zijn dan 3 procent van het bnp, het bruto nationaal product of het totale inkomen van alle burgers van een land) mochten meedoen. Groot-Brittannië, Denemarken en Zweden beslisten om buiten de eurozone te blijven. De nationale regeringen waren blij en trots, de bevolking
wantrouwde de euro nog een beetje. Vooral de oudere mensen
vreesden dat het moeilijk zou worden om aan de nieuwe munt te wennen. Velen
vreesden ook dat het leven duurder zou worden.
Crisis
De euro raakte uiteindelijk vrij vlot ingeburgerd. Grote bedragen werden nog lang omgerekend naar de oude, nationale munt, maar we praatten, rekenden en droomden al snel in euro's. We vonden het heel handig dat we geen geld meer hoefden te wisselen als we op vakantie gingen naar andere landen uit de muntunie. Alles ging dus goed en de muntunie
breidde vrolijk
uit: Slovenië, Cyprus, Malta en Slowakije kwamen erbij. Tot in 2008 de financiële crisis uitbrak. Grote Europese banken raakten bijna failliet en moesten gered worden met miljarden staatssteun. Die miljarden overheidsgeld vormden voor veel landen uit de eurozone een probleem. De bankencrisis was een staatsschuldencrisis geworden.
PIGS
Veel landen bleken jarenlang
boven hun stand geleefd te hebben. Vooral landen als Portugal, Ierland, Griekenland en Spanje (de PIGS-landen) gaven de voorbije jaren veel meer geld uit dan er binnen kwam. Ze haalden het geld van leningen bij banken en andere landen. Er is zware twijfel of zij die leningen kunnen terugbetalen. Vooral Griekenland
zit in slechte papieren. De Griekse kredietwaardigheid, beoordeeld door de ratingbureaus met ronkende namen als Standard & Poor's, Moody's en Fitch, is gezakt naar een bedenkelijke CCC. Dat betekent dat de ratingbureaus
vermoeden dat er veel kans is dat wie zijn geld aan Griekenland uitleent, het niet meer terugkrijgt.
Bazooka
Als een land uit de eurozone zijn schulden niet meer kan aflossen, zakt het hele
kaartenhuisje van de muntunie in elkaar. Om de euro te redden, moesten de landen in nood dus geholpen worden. Daarom werd een noodfonds opgericht: een soort spaarpot, waar de Europese Commissie en andere sterke landen uit de eurozone bedragen van miljarden euro's in stortten. Zwakke eurolanden kunnen nu tegen een lage rente, maar onder zeer strikte begrotingsvoorwaarden, geld lenen uit dat fonds. In een eerste ronde werd 500 miljard euro in het EFSF (
European
Financial
Stability
Facility) gestort. Volgens analisten is dat niet genoeg om de eurozone uit de crisis te trekken. Met dat bedrag is het EFSF een
waterpistool en we hebben een bazooka nodig, was de commentaar.
Armoede
Terwijl de Europese leiders en regeringen met miljarden goochelen, wordt de crisis voor de Europeanen zeer tastbaar. Zeker in de Zuid-Europese landen zijn de werkloosheidscijfers dramatisch. Europa blijft intussen
hameren op begrotingsdiscipline. De nationale overheden mogen minder uitgeven en moeten meer belastingen heffen. Ook bij ons hebben meer en meer mensen
moeite om de eindjes aan elkaar te knopen.
Oplossing
Hoe moet het nu verder? Iedereen kijkt naar de regeringen van de sterke economieën: vooral Duitsland, maar ook Frankrijk en Nederland. Zij kunnen de euro redden door de zwakke landen uit de eurozone financieel te ondersteunen. Als dat onmogelijk blijkt te zijn, zullen we moeten besluiten dat de economieën uit de eurozone te veel van elkaar verschillen voor een muntunie. Toch is het zover nog niet. Op de verschillende Europese topvergaderingen wordt
volop naar een oplossing gezocht. Het is voorlopig dan ook weinig waarschijnlijk dat we binnenkort weer met Belgische franken, Nederlandse guldens of Italiaanse lires moeten betalen.
Lees ook:
De eurocrisis in zes metaforen: van titanic tot bazooka (demorgen.be)
Kijk zeker ook naar de
special in het actualiteitenprogramma Ter Zake over de Euro en Europa (deredactie.be)